Verslag TechYourFuture netwerkmeeting, 9 juni 2017

Verslag TechYourFuture netwerkmeeting, 9 juni 2017

15-06-2017

Op donderdag 9 juni nodigde TechYourFuture betrokken onderzoekers, scholen, bedrijven en instellingen uit om kennis en ervaring te delen maar vooral ook om het netwerk verder te versterken. TechYourFuture kijkt terug op een geslaagde middag waarin veel kennis is gedeeld en actief met elkaar gediscussieerd werd. Dit verslag geeft een samenvatting van de keynote en de prikkelsessies.

Na het welkomstwoord en een korte presentatie van directieleden Jos Brunninkhuis en Maria Hendriks over de resultaten die TechYourFuture in 2016 behaalde, begon Prof. Dr. Juliette Walma van der Molen aan haar keynote. In haar presentatie staat de toekomst van werk en het blijvend belang van Wetenschap en Techniek centraal. Daarna volgden twee korte rondes met ‘prikkelsessies’.

Keynote van Prof. Dr. Juliette Walma van der Molen: De toekomst van werk en het blijvend belang van Wetenschap en Techniek

Prof. Dr. Walma van der Molen neemt de zaal mee in de ontwikkelingen die de technische sector de komende jaren te wachten staat. Volgens haar zijn er allerlei scenario’s en toekomstvoorspellingen die laten zien dat er nog steeds niet genoeg technici worden opgeleid. Dit terwijl digitalisering, robotisering en vele andere ontwikkelingen juist zullen zorgen voor een stijgende vraag naar goed opgeleide technici.

Ze benadrukt dat het belangrijk is om blijvend bezig te zijn met Wetenschap & Technologie (W&T) in het onderwijs en uit haar zorgen over de ontwikkelingen die gaande zijn. Volgens Walma van der Molen maken tegenstrijdigheden in beleid het moeilijk om duurzaam aan goed W&T-onderwijs te werken. “We moeten verder investeren in het sterke netwerk dat we hebben opgebouwd. Misschien moeten we zelf ook nog belangrijker vinden wat we hier als TechYourFuture doen en samen werken aan een betere lobby naar Den Haag om invloed uit te oefenen op beleidsmaatregelen, want we kunnen niet zonder goed techniekonderwijs, van basisonderwijs tot het wetenschappelijk onderwijs”.

Profielkeuze 

De beeldvorming in Nederland over werken in de techniek is voor haar eveneens een zorgelijk punt. Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat havo-leerlingen nog steeds denken dat je economie moet studeren om rijk te worden. Onderzoek naar genderattitude ten opzichte van profielkeuze laat zien dat meisjes in Nederland nog steeds denken dat bèta en techniek voor mannen is. Dat er weinig rolmodellen voor meisjes zijn versterkt deze attitude.

Ook op mbo-studenten kiezen nog massaal voor de niet-technische vakken. “Hoe sluit dit nou aan? Digitalisering, robotisering, we zitten er al middenin, en hier hebben we goed opgeleide vakmensen voor nodig,” benadrukt Walma van der Molen. “Ik vraag me af of deze mensen weten wat hun arbeidsmarktperspectief is? Hoe begeleid men mensen bij dit soort keuzeprocessen?”

Urgentie blijvend hoog

Voor ons is dit alleen maar goed nieuws, dit laat zien dat we met nog meer urgentie aan de slag moeten gaan. Walma van der Molen benadrukt dat we ons moeten richten op keuzeprocessen. “Er liggen positieve uitdagingen, we willen mensen niet alleen ernaartoe leiden om voor de techniek te kiezen maar ook iedereen ervan bewust maken van wat er in de techniek speelt, wat de ontwikkelingen zijn en hoe het werkt. Dit noemen we bèta burgerschap. We moeten ons realiseren dat het belangrijk is dat iedereen technologisch geletterd is, ook voor wat betreft de ethische aspecten van de technische vooruitgang.”

Hier liggen taken voor het onderwijs. Kennis moet niet meer zo smal worden opgevat. We moeten bruggen slaan, de kennisbasis verbreden, kennis uit verschillende disciplines verbinden.

Tot slot

Niet iedereen moet volgens haar de techniek in, maar juist ook de brede beeldvorming en bèta burgerschap heeft meer aandacht nodig. “We kunnen niemand dwingen om voor techniek te kiezen, maar wel proberen om niemand ten onrechte de verkeerde keuzes te laten maken” vat Walma van der Molen samen.

“Het aardige van deze waarschuwende arbeidsmarktvoorspellingen is als ze ter harte worden genomen, dat ze juist niet uitkomen, en dat is wat ik hoop, dat er tegenkrachten ontstaan. Ik hoop dat ik ongelijk heb”, sluit Walma van der Molen haar keynote af.

Keynote Prof. Dr. Walma van der Molen

Prikkelsessie van Leonie Koops, Witteveen+Bos: Grow or go, conformeren is geen optie

Hoe verbinden we de 21ste-eeuwse vaardigheden met de huidige vraagstukken uit de maatschappij? En hoe halen we het maximale uit onze engineers? Volgens Leonie Koops, Business Unit Manager Integrated Contracts bij Witteveen + Bos, gaat het om een attitude van groei en het faciliteren van ‘een leven lang leren’. Mensen met elkaar verbinden staat hierbij centraal.

En dat verbinden zien we keer op keer terug; oude ervaringen en nieuwe technieken, de dagelijkse werkelijkheid en digitalisering zoals virtual reality, en juist ook het verbinden van jonge en oudere medewerkers. Want daar ontstaan de nieuwe en innovatieve ideeën. “Ik moet ervoor zorgen dat mensen verbonden worden, dat creativiteit de ruimte krijgt, en de oudere collega’s niet belemmerend zijn.” Want dat is wat de jongens en meisjes meenemen als ze binnenkomen: nieuwe ideeën en vernieuwende technieken.

Dat klinkt allemaal wel leuk, maar hoe kunnen we dit bereiken? Volgens Leonie Koops spelen er twee factoren: 1) De problemen die niet meer gaan ontstaan, moeten we ook niet willen oplossen, en 2) We leren mensen dingen af, omdat we ze juist de verkeerde dingen aanleren. Als we dat loslaten, en juist inzetten op de individuele kracht van elke medewerker in verbinding met anderen… moet je zien wat er dan gebeurd!

Moet dan alles anders? Nee. “Want onze doelen zijn niet veranderd, maar wel de manier waarop we het doen” aldus Koops. Conformeren is dus geen optie, maar we moeten juist respectvol elkaars waarde benutten. Samen waardevol zijn voor elkaar. Netwerken bouwen, en samenwerken aan een waardevolle betekenis voor de maatschappij.

 Prikkelsessie van Eelke Eugelink, INC: Wat is Design Thinking?

‘Stel mensen centraal en niet het product of de technologie.’

Eelke Eugelink neemt ons tijdens zijn workshop mee in de ontwerpcyclus van design thinking. Je bent pas in staat om een goede oplossing voor een probleem te ontwerpen wanneer je het bekijkt vanuit het menselijk perspectief.

INC noemt dit de Re-humanisation of society. “Verplaats je in de mensen waar jij een ontwerp voor maakt. Dan creëer je een setting waarin iedereen creatief wordt” aldus Eugelink. Dit uitgangspunt geldt niet alleen voor ontwerpers maar kan in ieder werkveld creatieve effecten teweegbrengen.

Een sterk voorbeeld is het wiegje dat is ontworpen door autobedrijf Ford. Zij kregen te horen dat veel kinderen in slaapvallen tijdens het autorijden. Ford ontwikkelde een wiegje dat simuleert dat je kind op de achterbank van de auto ligt te slapen. Inclusief autogeronk en het schijnsel van voorbijschietende lantaarnpalen.

Kortom, het uitgangspunt is oprechte interesse in de persoon die tegenover je zit. En het waarom achter de vraag die wordt gesteld.  “Wanneer je weet wat iemand beweegt kun meedenken en zo gezamenlijk tot creatieve oplossingen komen” vat Eugelink samen.

Prikkelsessie van Thijs Geerdink, Nerds & Company: Hoe haal je de beste nerds in huis?

Waar bij menig IT-bedrijf recruiters overuren draaien om goede software engineers binnen te halen, heeft Nerds & Company een luxeprobleem. Een wachtlijst met 128 popelende ICT’ers. Thijs Geerdink, mede-eigenaar Nerds & Company, deelt zijn visie met ons.  

Hoe word je het allerbeste IT-bedrijf van Nederland?

Daar heeft Thijs met zijn collega’s iets op bedacht: de Gorden Ramsey theorie. Deze theorie gaat uit van een schaal. Zit je als bedrijf geheel links op de schaal dan is het faillissement (F) in zicht. Het doel is om zoveel mogelijk rechts van de schaal te komen (El Bulli) waarbij extremen de norm zijn. Hier werkt het team iedere dag hard voor.

Wat vraagt dit van de medewerkers?

‘Als je het fijn vindt ’s nachts te werken, mag dat’, aldus Thijs. Naast het bepalen van je eigen werkcondities is er bij ieder project één eindverantwoordelijke. Het team geeft elkaar feedback op topniveau. ‘Dit heb je slecht gedaan, en je benadeelt hiermee het hele team’ zijn uitspraken waaraan collega’s inmiddels gewend zijn.

Past elke nerd bij Nerds & Company?

“Absoluut niet”, stelt Thijs. Persoonlijke voorwaarden, zoals nieuwsgierig zijn, lef tonen en twijfels een plaats kunnen geven, zijn voorwaardelijk. Thijs: “Zonder lef en met gebrek aan aanpassingsvermogen pas je niet bij ons.”

 Prikkelsessie van Mirjam Spitholt, Saxion: Wie ben je eigenlijk? Jouw lijf, jouw gedachten, jouw emoties, jouw passies?

Happinessisnowhere...

Met deze zin kun je twee kanten op en dat is ook precies wat Mirjam Spitholt, docent economie en gelukskunde, haar studenten en nu ook ons wil meegeven. Het ene moment voel je je geweldig en op andere momenten lijkt het geluk ver te zoeken. “En dat is dus niet erg, dat hoort bij ons mensen, noem het onze fabrieksinstelling. Ons bewustzijn van geluk komt en gaat”, aldus Spitholt.

De belangrijkste les is dat we zouden moeten leren luisteren naar onze fluisterstem, oftewel onze intuïtie in plaats van naar de stroom van negatieve gedachten die vaak alles overstemmen. Want, zoals Mirjam het verwoordt: Je zorgen maken is de verkeerde kant op fantaseren.

We mochten genieten van een wervelende presentatie waar de positiviteit van afspatte. “Een tsunami van geluk” vat een van de deelnemers achteraf samen, “dit had ik niet zien aankomen maar bijzonder was het zeker!”.

Prikkelsessie van Alex Verkade, Rathenau Instituut: Wat is nu eigenlijk de maatschappelijke impact van wetenschapscommunicatie en hoe meet je die impact

 “Eigenlijk zijn we niet zo goed bezig”, aldus workshopleider Alex Verkade. De maatschappelijke impact van wetenschapscommunicatie is op dit moment nog onvoldoende. Er zijn volgens Verkade veel ‘verwaarloosde’ doelgroepen zoals het vmbo. Daarnaast varieert de kwaliteit van wetenschapscommunicatie enorm en is verbetering niet zichtbaar: “De fouten van 10 jaar geleden zie ik nu nog steeds” concludeert Verkade.

Deze statements zetten de deelnemers aan het denken en er ontstaat een levendig debat. Vragen als “Hoe kan het dan dat er wel veel geld wordt uitgegeven aan bijvoorbeeld wetenschapseducatie?” en opmerkingen als “Er is veel wetenschap via de media” kwamen bij de deelnemers op.

Een deelnemer vertelt over zijn ervaring. Onderzoeken hebben een duidelijk begin en einde. Zodra een project voltooid is, sluit het project volledig. Er is niets begroot voor continuïteit. Een vervolgaanvraag lijkt dan vaak de oplossing om continuïteit te waarborgen en het onderzoek onder de aandacht te brengen. 

De prikkelsessie vliegt voorbij. De groep sluit de sessie af met een voorlopige conclusie dat wetenschapscommunicatie een vak apart is en soms een ondergeschoven kindje. De discussie laat zien dat we deze tak van sport zeker niet moeten vergeten. De mooie initiatieven op het gebied van wetenschap en technologie verdienen het om aan ieder tentoongesteld te worden. 

Gerelateerde artikelen

Er konden geen resultaten worden gevonden voor deze zoekopdracht